U bevindt zich op: Home › Actueel
Veelgestelde vragen | 23-11-2006
Direct na de verkiezingen begint de kabinetsformatie. Dit proces is in de Grondwet niet terug te vinden, behalve de bepalingen over het ontslag en de benoeming van bewindspersonen bij koninklijk besluit. De procedure is geleidelijk in de loop van de staatkundige geschiedenis ontstaan (en kan zich dus ook in de loop der tijd wijzigen).
De ongeschreven, actuele werkwijze ziet er als volgt uit.
De minister-president biedt de Koningin het ontslag van het kabinet aan, als er verkiezingen worden gehouden. De Koningin neemt de ontslagaanvraag in overweging en verzoekt de ministers en staatssecretarissen te blijven doen wat in het belang van het Koninkrijk noodzakelijk is. De bewindspersonen zijn daarmee demissionair.
De Koningin consulteert na de verkiezingen van een nieuwe Tweede Kamer de voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer, de vice-president van de Raad van State en de fractievoorzitters in de Tweede Kamer over de vorming van een nieuw kabinet.
Op basis (of binnen de kaders) van deze adviezen, verzoekt de Koningin vervolgens een of meerdere formateurs of informateurs om de mogelijkheden te onderzoeken van een nieuw kabinet dat op voldoende steun in de Kamer kan rekenen. Een informateur onderzoekt de mogelijkheden van de vorming van een dergelijk kabinet. Een formateur vormt zo'n kabinet. Hoewel dit niet noodzakelijk is, begint een formatie doorgaans met een informateur.
De informateur onderzoekt welke combinaties van politieke partijen mogelijk zijn om tot een nieuwe coalitie te komen. Hij voert hiervoor gesprekken met de fractievoorzitters en doet daarvan verslag aan de Koningin.
De informateur begeleidt de onderhandelingen met de fractievoorzitters van de coalitie die het meest haalbaar lijkt. Onderwerp van de onderhandelingen is voornamelijk het regeringsprogramma.
Het resultaat hiervan is een concept-regeerakkoord, waarin wordt beschreven wat het kabinet de komende vier jaar wil bereiken. De informateur neemt dit op in het eindverslag aan de Koningin. De informateur beveelt hierin ook een kabinetsformateur aan. Vaak is dit de toekomstige minister-president.
Het is mogelijk dat over een concept-regeerakkoord een debat plaatsvindt in de Tweede Kamer, voordat de (in)formateur zijn (eind)verslag vaststelt.
Als de onderhandelingen geen resultaat opleveren, kan de informateur zijn opdracht teruggeven aan de Koningin, die dan op basis van adviezen een nieuwe informateur aanwijst.
Zodra de beoogde coalitiepartners een concept-regeerakkoord zijn overeengekomen, verzoekt de Koningin de formateur een kabinet te formeren. De formateur stelt, in overleg met onderhandelaars van de toekomstige coalitie, de portefeuilleverdeling en portefeuilles vast en benadert kandidaat-ministers en kandidaat-staatssecretarissen.
Als de nieuwe ministersploeg compleet is, komen zij bijeen in een constituerende vergadering. Tijdens deze vergadering onderschrijven de ministers het regeerakkoord. In het eindverslag, dat hij daarna aan de Koningin aanbiedt, vermeldt de formateur welke ministers en staatssecretarissen bereid zijn toe te treden tot het nieuwe kabinet.
De Koningin tekent daarop de Koninklijke Besluiten, waarin de ontslagaanvraag van vertrekkende bewindspersonen wordt geaccepteerd en nieuwe bewindspersonen worden benoemd. Het nieuwe kabinet legt vervolgens een regeringsverklaring af in de Tweede Kamer.